Handtherapie heeft als doel om uw handfunctie te optimaliseren en de beperkingen zoveel mogelijk te minimaliseren. Hoe we dit doel bereiken hangt van verschillende factoren af. We kijken naar de oorzaak van de klachten en hoe ze uw dagelijks leven beïnvloeden.

Wanneer operatief ingrijpen niet nodig is, noemen we de therapie conservatieve therapie.

Naast conservatieve therapie geven wij nog pre- en postoperatieve therapie. Postoperatief betekent de zorg na een operatie en preoperatieve therapie betekent de zorg voorafgaand aan een operatie. Bij postoperatieve therapie richten we ons vooral op de volgende doelen:

  • Wondzorg
  • Minimaliseren van zwelling
  • Litteken behandeling
  • Oefentherapie
  • Spalktherapie

Vaak verwijst een artst of specialist naar ons om u te screenen voor de operatie.Het doel is om uw handfunctie in kaart te brengen en een gedetailleerd overzicht te krijgen van uw beperking in het dagelijks leven. Deze informatie kan in sommige gevallen de chirurg helpen beslissen welke operatie voor u het meest geschikt is. Ook helpt een preoperatief consult om na de operatie de resultaten goed te vergelijken. De postoperatieve behandeling heeft een grote invloed op het uiteindelijke resultaat van de operatie. Handtherapie vergroot de kans op een voorspoedig herstel, zodat ik u zo snel mogelijk uw hobby’s, sport, werk en zelfverzorging weer uit kan voeren.

Wanneer u al langdurig last heeft van uw elleboog, hand of pols, maar het lastig vindt om de pijn met één vinger aan te wijzen kan het zijn dat uw klachten worden veroorzaakt door een kleine verkramping in spieren. Deze verkrampingen (ook wel triggerpoints genoemd) zijn goed te behandelen met behulp van dry needling. Hierbij behandelt uw fysiotherapeut u met behulp van een klein steriel naaldje.

De triggerpoints kunnen ontstaan door bijvoorbeeld langdurig in dezelfde houding te zitten, of juist door een herhaaldelijke beweging bij sporten of het bespelen van een muziekinstrument.  Ook ontstaan er vaak triggerpoints na het dragen van gips. Een triggerpoint projecteert pijn in een bepaald gebied; bij elke spier hoort een vast gebied van geprojecteerde pijn.

Drukt u maar eens met uw vinger op de spier die over uw schouderblad loopt. De kans is groot dat u een pijnlijk punt tegenkomt die een scherpe pijn geeft. Wanneer u dit punt een tijdje indrukt, zult u wellicht merken dat pijn uitstraalt naar de voorkant van uw schouder. Dit is geprojecteerde pijn.

Het kan dus zijn dat u pijn of een bewegingsbeperking heeft in uw elleboog, hand of pols en dat de oorzaak wat hoger ligt, rondom uw schouder. Wanneer uw handtherapeut denkt dat de klachten ontstaan zijn ten gevolge van triggerpoints, kan hij of zij u behandelen met behulp van dry needling. Wanneer de naald in de buurt van een triggerpoint komt, spant de spier vaak kort aan en ontstaat er weer ontspanning. Onze handtherapeuten die u met dry needling kunnen helpen, hebben hiervoor een speciale opleiding gevolgd en zijn verplicht hierbij bijscholing te blijven volgen.

Wij zijn van mening dat dry needling altijd een onderdeel is van een groter behandelproces. Het helpt om de pijn te verminderen en is voorwaardescheppend voor verder herstel. Met behulp van een oefenprogramma en of aanpassingen in uw dagelijks leven kunt u voorkomen dat de klachten weer terugkomen.

Wanneer u last heeft van de duimzijde van uw pols, zou het kunnen dat u de aandoening van Quervain heeft.  De twee strekpezen van uw duim zijn dan geirriteerd. Ze lopen namelijk door een compartiment (dit is een soort tunneltje), wanneer u uw duim beweegt glijden ze hier doorheen. Wanneer er irritatie ontstaat wordt het compartiment nauwer en de pees juist dikker, de peeschede gaat ontsteken. Dit gaat nog meer irriteren bij bewegen. Mensen met reuma of diabetes hebben meer kans op de aandoening van Quervain.

Op de afbeelding ziet u de test van Finkelstein, wanneer deze erg pijnlijk is (pijnlijker dan aan de niet aangedane zijde) kan het zijn dat u de aandoening van Quervain heeft.

Handtherapeutische behandeling
We kunnen u helpen door een spalk voor u te maken, waardoor de geïrriteerde pezen rust krijgen. Het is de bedoeling dat u deze spalk 24 uur per dag draagt, 6 weken lang. Ook kijken we naar hoe u uw hand gebruikt, ofwel het aanspanningspatroon. Soms is het van belang om u hand anders te gaan gebruiken zodat de kans dat de klachten terugkomen minimaal is.

In veel gevallen helpt dit. Wanneer dit niet helpt verwijzen we u terug naar huisarts, deze kan u een injectie geven of verwijzen naar het ziekenhuis. Daar wordt gekeken of u in aanmerking komt voor een operatie.

Wanneer uw vinger soms gebogen blijft staan en u hem niet meer op eigen kracht kan strekken is de kans groot dat u een triggerfinger heeft. Vaak voelt u een pijnlijke verdikking op de buigpees van uw vinger. De buigpees hoort door een tunneltje in de handpalm te glijden, dit lukt niet meer. De peesschede raakt ontstoken.

Handtherapeutische behandeling
We kunnen u helpen door een vingerspalk te maken waardoor de pees en peesschede rust krijgen. Met deze spalk kunt u alles nog doen. Bij onvoldoende resultaat verwijzen we u terug naar de huisarts, deze kan een injectie geven of u verwijzen naar het ziekenhuis. Hier wordt dan gekeken of u in aanmerking komt voor een operatie.

Na de operatie kunt u ook bij ons terecht. We geven u dan oefeningen mee om de vinger weer soepel te krijgen.

Het carpaal tunnel syndroom is één van de meest voorkomende handaandoeningen. Wanneer u het carpaal tunnel syndroom heeft, heeft u last van tintelingen en/of doofheid in de wijs-, middel- en ringvinger en in sommige gevallen ook in de duim. Vaak helpt het kortdurend om even te schudden of te wapperen met de handen. Ook kan het zijn dat u minder kracht in de hand heeft. Tijdens de zwangerschap is de kans op carpaal tunnel syndroom groter.

De nervus medianus (één van de drie zenuwen die naar de hand lopen) wordt bekneld net iets boven de pols. Hier loopt hij door een tunnel. Wanneer de zenuw beknelt wordt raakt hij geïrriteerd en wordt wat dikker, hierdoor nemen de klachten nog meer toe.

Handtherapeutische behandeling
We kunnen u helpen door u een spalk voor de nacht te geven, deze zorgt ervoor de u ‘s nachts uw pols niet kunt buigen en dat de zenuw zo min mogelijk beknelt wordt.

Verder kunnen we u  adviezen geven om de zenuw zo min mogelijk te irriteren bij uw dagelijkse bezigheden. Soms helpt dit, wanneer het niet helpt verwijzen we u terug naar de huisarts, deze kan een injectie geven of u verwijzen naar het ziekenhuis. Hier wordt dan gekeken of u in aanmerking komt voor een operatie.

Na de operatie kunt u ook bij ons terecht. We geven u dan oefeningen mee om de vingers en pols weer soepel te krijgen of om ervoor te zorgen dat het litteken of de vingers minder gevoelig  zijn.

Fracturen aan de hand of pols komen vaak voor. Wanneer u denkt dat u een breuk in uw pols of hand heeft is het belangrijk om naar de huisarts te gaan. Hij of zij zal u onderzoeken en wanneer het beeld inderdaad op een fractuur duidt zal uw huisarts u doorverwijzen voor een röntgenfoto.

Handtherapeutische behandeling
De behandeling verschilt erg per breuk. Sommige breukjes in de vingers hebben helemaal geen gips nodig en andere breuken soms 2 tot 12 weken gips.  In enkele gevallen is er zelfs een operatie nodig na een breuk. Wanneer u geen gips nodig heeft, kunnen wij, wanneer het nodig is, een spalk maken om de breuk toch te beschermen. Wanneer u wel gips nodig heeft zijn de vingers of de pols vaak erg stijf na de gipsperiode en is de kracht flink verminderd. Wij kunnen u helpen om de pols of hand weer soepel te krijgen en om de kracht weer op te bouwen.

Na een ongeluk kan het zijn dat één of meerdere pezen in uw hand gescheurd of doorgesneden zijn. In de meeste gevallen moeten de pezen chirurgisch gehecht worden.

Handtherapeutische behandeling
Na het hechten van de pezen zijn er verschillende mogelijkheden voor de handtherapeutische behandeling. De chirurg bepaalt, vaak in overleg met de handtherapeut, het beleid.

Soms wordt er gekozen voor 3 of 4 weken gips, dit gebeurt vaak wanneer de pezen ter hoogte van de pols gehecht zijn. Wanneer de operatie in uw hand plaatsgevonden heeft is het van belang dat u uw vingers al eerder gaat bewegen, dit om stijfheid en het verkleven van littekenweefsel te voorkomen. We maken dan binnen 5 dagen na de operatie een speciale spalk voor u met elastieken, zoals op de foto. U kunt daarin wel bewegen met de vingers, maar de gehechte pees hoeft u niet aan te spannen. Zodat het risico dat hij opnieuw knapt minimaal is. Deze dient u 3 weken te dragen, hierna wordt de belasting weer geleidelijk opgebouwd.

Soms wordt er gekozen voor een beschermende spalk, waarin u op eigen kracht binnen 5 dagen na de operatie weer mag gaan bewegen. U krijgt dan oefeningen waarmee u zonder veel kracht  alweer kunt gaan oefenen met de geopereerde vingers, uiteraard begeleiden wij u hier intensief in.

Het totale revalidatieproces duurt ongeveer 3 maanden, het is de bedoeling dat u uw hand dan weer normaal kunt belasten.

M Dupuytren wordt ook wel een koetsiershand genoemd. We weten niet zo goed hoe het komt dat Dupuytren ontstaat. De cellen die  littekens maken zijn nu overactief en maken strengen in de handpalm. Hierdoor gaan de vingers krom staan.

Handtherapeutische behandeling
Wanneer u niet geopereerd bent kunnen we weinig voor u betekenen. Het enige advies luidt: Overstrek uw vingers niet met de andere hand! Door namelijk veel rek op de Dupuytren streng te zetten wordt deze alleen maar agressiever en zullen uw vingers sneller krom worden.
Na een operatie kunnen wij u helpen. Indien nodig kunnen we een spalk voor u maken. Verder krijgt u oefeningen om de vingers weer soepel te krijgen en houden de we operatiewond in de gaten

Wanneer uw vingers overstrekt en uit de kom (luxatie) geweest is, kan het zijn dat u volair plaatletsel opgelopen hebt. Dit kan gebeuren doordat er een harde bal op uw vinger komt of soms na een val. De volaire plaat is een stevig plaatje van bindweefsel aan de binnenzijde van uw vingergewrichten. Deze voorkomt dat uw vinger te ver achterover kan buigen.

Handtherapeutische behandeling
Het is belangrijk dat u binnen 5 dagen na het ontstaan start met de behandeling. De eerste drie weken dient de volaire plaat van het aangedane gewricht beschermt te worden, zodat de volaire plaat weer kan herstellen. U krijgt van ons een op maat gemaakte vingerspalk waarin u wel kunt buigen maar niet kunt strekken, zoals op de foto.

Na drie weken gaan we het aangedane gewricht opnieuw onderzoeken. Wanneer deze stabiel is hoeft u het spalkje niet meer te dragen, u krijgt dan oefeningen om de bewegelijkheid te onderhouden. Wanneer uw vinger erg stijf geworden is, krijgt u een nieuw spalkje, nu juist om het strekken te verbeteren. Wanneer het gewricht nog steeds instabiel is, adviseren we u om het spalkje dat het strekken beperkt nog een week of een aantal weken te dragen, we blijven het herstel monitoren.

Soms is het zo dat de vinger al heel stijf geworden is wanneer u bij ons komt, bijvoorbeeld doordat u pas na een aantal weken bij ons terecht bent gekomen. Of het kan zijn dat u aanleg heeft om stijve gewrichten te ontwikkelen. In dit geval starten we direct met een strekspalkje en oefeningen om uw vinger weer soepel te krijgen.

Wanneer de strekpees van uw vinger scheurt net bij het bovenste kootje, dan is er sprake van een Mallet finger. Dit kan gebeuren bij het opmaken van het bed of wanneer er een harde bal op uw vinger komt. U kunt een Mallet finger herkennen aan een hangend topje, het lukt niet meer om hem te strekken. Wanneer u denkt dat u een Mallet finger heeft is het belangrijk om langs de huisarts te gaan, deze wil vaak  een röntgenfoto laten maken. Een Mallet finger gaat soms namelijk gepaard met een breukje, we spreken dan van een ossale Mallet. Wanneer alleen de pees aangedaan is, spreken we van een tendinogene Mallet.

Wanneer het botfragment niet goed op z’n plek zit of wanneer er een te groot botfragment loskomt moet u geopereerd worden.

Handtherapeutische behandeling
Zowel bij een ossale als een tendinogene malletfinger kunnen we u helpen door een vingerspalk voor u te maken. Deze zorgt ervoor dat u het topje gestrekt blijft en zo kan de strekpees weer aangroeien. U dient het de spalk 6-8 weken te dragen, daarna begeleiden we u in het afbouwen hiervan.

Soms worden er kant en klare spalkjes voorgeschreven, vaak gaat dit irriteren op de huid. Ook staat het topje hier niet altijd recht genoeg in, de pasvorm is dan niet goed. Dit is de reden dat wij er de voorkeur aan geven om deze op maat voor u  te maken.

Artrose is slijtage van het gewrichtskraakbeen. Het gewricht van ons lichaam waar het meest arthrose voorkomt is het duimbasis gewricht. Dit komt omdat het een erg mobiel (beweeglijk) gewricht is. Wanneer u duimbasis artrose (ook wel CMC 1 artrose genoemd) heeft, merkt u dat door zeurende pijn aan de basis van uw duim, vlakbij de pols. Belastende activiteiten zoals het uitwringen van een doekje verergeren de klachten. Artrose kan ook in andere vingergewrichtjes of in de pols voorkomen.

Handtherapeutische behandeling
Aan de artrose zelf is niets te doen. Wel kunnen we u helpen om de klachten ten gevolge van de artrose zoveel mogelijk te beperken. We kunnen een spalk voor u maken die het gewricht beschermt, zoals bijvoorbeeld op de foto.  Ook adviseren we u en verstrekken we hulpmiddelen voor onder andere schrijven of snijden, waardoor u minder last heeft.

Veelal is bij artrose ook de balans tussen de belasting op uw hand en de belastbaarheid verstoord. De belastbaarheid neemt immers af, maar vaak blijft de belasting hetzelfde.

Ook kunnen we samen kijken hoe u de voor u belangrijke handelingen weer met zo min mogelijk hinder kunt uitvoeren.

Wanneer de artrose in een vergevorderd stadium is kunt u hieraan geopereerd worden. Na de operatie kunt u weer bij ons terecht om de hand en pols weer soepel en sterk te krijgen.

Reumatoide Arthritis wordt in de volksmond vaak reuma genoemd. Dit is een auto immuun aandoening. Mensen met reuma krijgen vaak als eerste last van de handen en de voeten. Tegenwoordig zijn er goede medicijnen waar u, wanneer u reuma heeft, veel aan kunt hebben.

Handtherapeutische behandeling
Allereerst gaan we uw handen goed onderzoeken. We kijken bijvoorbeeld of de problemen al in de pols beginnen, hierop passen we het beleid aan.

Met spalktherapie proberen we uw handfunctie zo goed mogelijk te houden. Een spalk moet er dus voor zorgen dat u meer met uw handen kan. Soms maken we voor de nacht een spalk die de veranderende stand tegengaat.

Daarnaast geven we uw oefeningen mee, deze zijn erop gericht om de spierbalans in uw hand te herstellen. Deze is bij reuma namelijk vaak verstoord. Ook zijn de oefeningen gericht op het ontspannen van de hand.

Veelal is bij reuma ook de balans tussen de belasting op uw hand en de belastbaarheid verstoord. De belastbaarheid neemt immers af, maar vaak blijft de belasting hetzelfde.

Ook kunnen we samen kijken hoe u de voor u belangrijke handelingen weer met zo min mogelijk hinder kunt uitvoeren.

Soms is het ondanks intensieve handtherapie toch nodig om geopereerd te worden. Na de operatie kunt u weer bij ons terecht. De behandeling is dan gericht op het begeleiden van het herstelproces. We houden de wond in de gaten en indien nodig maken we een spalk voor u om het geopereerde gebied te beschermen. Dit doen we altijd in overleg met de chirurg. Ook krijgt u oefeningen om de handfunctie weer te herstellen.

Het kan zijn dat u polsklachten heeft, maar dat de oorzaak niet gevonden kan worden, dit noemen we a-spcifieke klachten. Chronisch betekent dat de klachten al langere tijd bestaan. Dit komt regelmatig voor, met name bij jonge vrouwen. Vaak is het zo dat de klachten beginnen met milde overbelasting. De belasting is verhoogd, door bijvoorbeeld een andere baan of de geboorte van een kindje. De belastbaarheid (hetgeen uw pols aankan) blijft gelijk, of is soms zelfs verminderd.

Zoals u op de afbeelding ziet verergeren de klachten doordat veel mensen door pijn hun pols anders gaan gebruiken. Hierdoor gaat de polsfunctie achteruit en neemt de pijn toe.

bron: Oefentherapie voor chronische onbegrepen polsklachten door: A.J. Videler, M. Kreulen, M.J.P.F. Ritt

Handtherapeutische behandeling
Met behulp van een oefenprogramma proberen we deze cirkel te doorbreken. We beginnen met het leren gebruiken van de juiste spieren op de juiste manier om de pols weer goed aan te kunnen sturen.

Daarna gaan we de belasting heel rustig opbouwen, we proberen de hand- en polsfunctie te optimaliseren, waardoor vaak de pijn afneemt. Het totale oefenprogramma duurt drie maanden.

Complex regionaal pijn syndroom (CRPS) werd voorheen posttraumatische dystrofie, Südeckse dystrofie of sympathische reflexdystrofie genoemd. We maken onderscheid tussen CRPS type 1, waarbij er geen zenuw beschadigd is en CRPS type 2 waarbij er wel sprake is van beschadiging van een zenuw. CRPS komt voornamelijk in de armen en de benen voor.

Wanneer er sprake is van CRPS is de hand vaak dik, rood, warm of koud en de functie is ernstig beperkt. Het lijkt alsof de hand ontstoken is er is sprake van veel pijn. CRPS kan ontstaan na een operatie of een gipsperiode. Soms ontstaat het spontaan.

We weten niet precies hoe het komt dat iemand CRPS krijgt. Ook is het niet vast te stellen met een foto of een scan. De diagnose wordt gesteld op basis symptomen. Voor het stellen van de diagnose worden vaste criteria gehanteerd.

Veelal zien we symptomen die lijken op CRPS maar niet voldoen aan de opgestelde criteria. Dit noemen we dan vegetatieve ontregeling; het zenuwstelsel is ontregelt.

Handtherapeutische behandeling.
De handtherapeutische behandeling is erop gericht om ondanks de pijn de hand wel te bewegen. We doen dit onder andere met behulp van spiegeltherapie. Wanneer links de aangedane hand is, gaat u kijken naar het spiegelbeeld van uw rechterhand. Deze lijkt immers net op uw linkerhand, maar dan een gezonde versie, die makkelijk beweegt. Op deze manier proberen we uw brein te laten geloven dat de aangedane hand normaal en pijnvrij kan bewegen. Dit kan ervoor zorgen dat de aangedane hand minder pijnlijk en beweeglijker wordt.

We adviseren u om DMSO crème te gebruiken. Van een hoge dosering vitamine C weten we ook dat het CRPS kan voorkomen. Echter moet u dan beginnen met het slikken hiervan op de dag dat er letsel ontstaat of dat u geopereerd wordt.

CANS staat voor complaints of arm neck and/or shoulder. In Nederland spreken we ook vaak over KANS (klachten van arm nek en/of schouder).

De klachten kunnen meerdere oorzaken hebben, maar ontstaan door een verstoring tussen de belasting en uw belastbaarheid. Vaak zijn de klachten voorafgegaan door het langdurig uitvoeren van herhaalde bewegingen, of het langdurig volhouden van een houding. Dit kan bijvoorbeeld door langdurig een computer of  smartphone te bedienen.

Handtherapeutische behandeling
Wanneer u bij ons komt met KANS beginnen we met het uitzoeken waar de klachten vandaan komen. Welke werkzaamheden of activiteiten verergeren de klachten?  Samen met u gaan we kijken of we de belasting iets kunnen verminderen. Dit valt vaak niet mee in de praktijk. Gedragsverandering is één van de moeilijkste dingen maar zeker haalbaar!

Ook gaan we kijken naar uw belastbaarheid. Is deze verstoord? En waardoor? Soms kan een spalk helpen om de hand of pols tijdelijk wat rust te gunnen, waarna we de belastbaarheid weer op kunnen bouwen met oefeningen.

Wanneer u een skiduim heeft zijn de binnenbanden van het tweede gewricht van de duim verrekt of gescheurd. Dit gewricht (het MCP gewricht) heeft net als de knie of enkel binnen- en buitenbanden die het gewricht stabiliseren.  Een skiduim ontstaat vaak (maar lang niet altijd) na een val bij het skiën, vandaar de naam.

Meestal ontstaat een skiduim na acuut letsel, bijvoorbeeld een val, we noemen dit ook wel een wackeldaum. Een skiduim kan ook ontstaan na herhaaldelijke druk op de zijkant van het topje van de duim, de banden rekken dan steeds verder op, totdat ze niet voldoende steun meer geven aan het gewricht. Dit wordt ook wel een gamekeeper’s thumb genoemd.

U herkent een skiduim na acuut letsel aan zwelling rondom het gewricht en u kunt merken dat u moeite heeft om voorwerpen te omvatten en kracht te zetten, bijvoorbeeld bij het openen van een jampotje; de duim voelt dan instabiel.

Handtherapeutische behandeling
Wanneer u een skiduim heeft waarbij de banden gedeeltelijk gescheurd zijn krijgt u van ons een spalk, deze zorgt ervoor dat het MCP gewricht gestabiliseerd wordt (zoals op de foto), deze draagt u 4-8 weken.  De duur van de spalk is afhankelijk van hoe snel het gewricht weer stabiel is, dit varieert per persoon. Wanneer de banden langzaam opgerekt worden kijken we naar hoe u de duim kunt gaan gebruiken met zo min mogelijk rek op de banden.

Soms is het zo dat de binnenband volledig gescheurd is, of dat het met een stukje bot losgekomen is. Dit is een operatie indicatie. Na de operatie kunt u bij ons terecht. U krijgt dan gips en daarna een spalk om het bandje te beschermen.  Na ongeveer 4 weken krijgt u oefeningen mee om de duim weer soepel en sterk te maken.

Er zijn in Nederland zo’n 10.000 klimmers, waarvan 75% wel eens te maken heeft gehad met klachten aan de hand, pols of arm. Klimmers belasten hun handen ontzettend zwaar, waardoor ze snel te maken  krijgen met blessures.  Veelvoorkomende handblessures bij klimmers zijn:

Partiële of complete ruptuur van een pulley.
Hierbij scheurt er een bandje dat dwars over de pees loopt, we hebben hier meerdere van. Wanneer dit gebeurt bemerk je meestal een knapje tijdens het klimmen, waarna er pijn ontstaat  aan de handpalm zijde van de vinger. Wanneer de pulley, ook wel ringbandje genoemd, scheurt bij een tenduegreep ontstaat de pijn vaak tussen het middelste en het laatste gewricht van de vinger. Bij een arqué is dit iets lager, onder het middelste gewricht van de vinger.

De behandeling hangt af van de mate van beschadiging van de pulley, dit is goed te zien op een echo. Deze kunnen we laten maken van je vinger bij SEDN.

Meestal krijg je een bandje of ringetje mee van ons die de pulley beschermt en/of leren we je een tapetechniek hiervoor. Wanneer er meerdere pulleys doorgescheurd zijn, kan het zijn dat je geopereerd moet worden.

Overbelasting van de buigpezen van de vingers.
Wanneer de peesschede geïrriteerd is door de zware belasting noemen we dit tendovaginitis van de flexorpezen. In de volksmond wordt vaak gesproken over een ‘klimvinger.’

Heel anders dan bij een pulleyruptuur ontstaan deze klachten geleidelijk. Deze pezen aan de binnenzijde van de vingers kunnen zwellen en het maken van een vuist kan pijnlijk zijn. Ook kunnen de buigpezen gevoelig zijn wanneer erop gedrukt wordt. Rust is de beste oplossing hiervoor en het aanpassen van je klimtechniek kan helpen bij het herstel. Soms wordt er een injectie gegeven met een ontstekingsremmend middel.

Wanneer er een nodus (bultje) in de pees ontstaat kan het zijn dat je vinger gaat hokken, we spreken dan van een triggerfinger,je voelt dan een verdikking in de handpalm.  Je leest hier meer over onder het kopje triggerfinger.

Het scheuren van een intrinsieke  handspier.
Wanneer je aan één vinger hangt en je voelt een knapje dan kan het zijn dat één van de intrinsieke handspieren verrekt of gescheurd is.  We noemen dit een lumbrical tear of shift. Ook dit is op een echo goed te diagnosticeren, je wordt behandeld met  tape en mag 2-4 maanden geen greep meer doen met één vinger.

Elleboogblessures
Hoewel handblessures het de meest problemen geven bij klimmers, staan elleboogblessures op een goede tweede plaats. Veelvoorkomend zijn epicondylitis lateralis; een overbelastingsprobleem van de strekkers van de pols en vingers, deze hechten aan op de buitenzijde van de elleboog. Daarnaast komt epicondylitis medialis ook veel voor, dit is een irritatie van de binnenzijde van de elleboog, hier hechten de polsbuigers en vingerbuigers aan. Ook voor deze elleboogklachten kunt u bij ons terecht.

Het verrekken van de binnen of buitenbanden van een vingergewricht of fracturen bij voornamelijk jonge klimmers komen ook regelmatig  voor.